De eerste lessen uit een ontwerpend onderzoek naar het betrekken van bewoners bij de toekomst van groenbeheer.
Wie wil(d) groeit is een onderzoeks- en ontwerpproject waarin onderzoekers van hogeschool Leiden, social designers Verveeld & Verward, gemeente Alphen aan den Rijn (groenbeheer en communicatie) en de Greenhub (vertegenwoordigd door Aletta Martens), samenwerken aan nieuwe manieren om bewoners te betrekken bij de toekomst van hun buurtgroen.
Voor veel overheidsinstanties is het herkenbaar: Je werkt hard aan het vergroten van biodiversiteit, klimaatadaptatie, circulariteit en een gezonde leefomgeving. Probeert om te schakelen van traditioneel naar ecologisch groenbeheer, waarbij bermen, parken en andere groengebieden een belangrijke rol spelen. Alleen, wordt deze andere beheeraanpak wel begrepen en gewaardeerd door de mensen die er gebruik van maken? Waar beheerders en uitvoerders kijken naar ecologische kwaliteit, zien bewoners vooral hoog gras, rommeligheid of achterstallig onderhoud. Zelfs zo dat sommige buurtbewoners het ‘vergeten’ stukje zelf maar even kortwieken, gezien de gemeente daar overduidelijk nalatig is geweest.
Dat roept een interessante vraag op: hoe wordt ecologisch groenbeheer niet alleen ecologisch waardevol, maar ook betekenisvol voor bewoners?
De eerste lessen:
- Ecologisch groenbeheer is niet zozeer een technische of ecologische opgave, maar vooral een sociale opgave;
- TBO’s zetten steeds meer in op ecologisch groenbeheer vanwege biodiversiteit, klimaatadaptatie en leefbaarheid;
- De voordelen zijn groot, maar worden niet altijd door bewoners gezien of ervaren;
- Regelmatig ontstaat weerstand of onbegrip over ander maaibeheer en verruiging;
- Hoe kan social design helpen om de leefwereld van bewoners, beheerders, uitvoerders en beleidsmakers dichter bij elkaar te brengen?
- Bewoners zijn niet de doelgroep van ecologisch groenbeheer, maar onderdeel van het systeem waarin ecologisch groenbeheer plaatsvindt;
- Iedereen wil draagvlak, maar niemand weet precies hoe je het stille midden bereikt;
- Hoe je iets ontwerpt dat langer meegaat dan een subsidieperiode is een ontwerpvraag op zich;
- Ontwerpkracht helpt abstracte thema’s zoals biodiversiteit tastbaar en bespreekbaar te maken;
- Participatie begint bij het begrijpen van wat bewoners belangrijk vinden.
In dit project onderzoeken we vanuit het perspectief van brede welvaart hoe social design kan helpen achterhalen wat het perspectief van bewoners is (wat zij belangrijk vinden, hoe zij hun leefomgeving ervaren) en hoe deze perspectieven een plek kunnen krijgen in beheer en beleid. Want dan kan de onderlinge relatie (begrip) worden versterkt, de communicatie effectiever (landen) en het draagvlak worden vergroot.
‘Het onderzoek gaat steeds een stapje verder. Weten hoe andere beheermethodes beleefd worden is het voorland. Het is belangrijk om informatie op te halen vanuit de burger. Het doel is de betrokkenheid van burgers rondom ecologisch beheer te vergroten, maar hoe moeten we dat nou doen?’
gemeente Alphen aan den Rijn (groenbeheer)
Van idee naar praktijk
Toen projectleider Manon Eikelenboom en Aletta Martens zich vorig jaar zomer stortte op het schrijven van het subsidievoorstel was het nog maar de vraag of het de gemeente ging lukken om aan te sluiten. Blij dat Johan van Putten (voormalig interim coördinator groenbeheerder Alphen aan den Rijn) enthousiast was en er gekeken kon worden naar wie binnen de gemeente zorg kan dragen voor de verdere uitvoering van dit project. We hebben het erg getroffen met Wilko Kanbier (groenbeheerder) en Rianne Schram (projectleider, o.a. Natuur- en mileueducatie) en hun inzet om met elkaar een passende interventie in de gemeente uit te kunnen voeren.
‘Het onderzoeksproject werd steeds meer een actieproject.’
projectleider en onderzoeker hogeschool Leiden
Het doel is wederzijds begrip creëren tussen bewoners en professionals. Hiervoor hebben Suze Dorland (student communicatie, hogeschool Leiden) en Kimberley Aarts (docent-onderzoeker, hogeschool Leiden) zich ontzettend ingespannen om een groot aantal inwoners en betrokken professionals te spreken. ‘Wat me opvalt is dat de betrokkenheid groot is. Er is veel samenwerking bij dit project.’ – docent-onderzoeker hogeschool Leiden.
‘Juist die samenwerking is essentieel. Want een goed idee is pas echt waardevol wanneer er ook wordt nagedacht en afspraken worden gemaakt over eigenaarschap, communicatie en continuïteit.’
Greenhub Zuid-Holland.
Locatie
In de afgelopen maanden zijn verschillende locaties onderzocht en afgewogen. Daarbij is gekeken naar:
- Ecologische kansen;
- Bestaande betrokkenheid in de wijk;
- Aanwezigheid van scholen, vrijwilligers en lokale organisaties;
- Mogelijkheden voor bewonersparticipatie;
- Kansen voor langdurige inbedding.
Uiteindelijk is er gekozen voor Hazerswoude-Dorp als kansrijke pilotlocatie. Het pilotgebied ligt op het Dijkslootpad. Dit is een klein park van ongeveer 23 meter breed en 2 km lang, lopend langs een dijk. Het gebied bestaat naast een aantal plantvakken en riet grotendeels uit gazon en het wordt traditioneel beheerd, maar biedt kansen voor ander type onderhoud en het vergroten van de zichtbaarheid daarvan.
Wie wonen hier? Om het park in Hazerwoude-Dorp heen liggen verschillende woonkernen (6.400 inwoners). Eigenschappen: voornamelijk koopwoningen, gemiddelde leeftijd ligt tussen de 45-65 jaar en er is relatief veel bedrijvigheid.
Belangrijke afweging is of de inzichten uit één wijk direct toepasbaar zijn voor de gehele gemeente Alphen. Het korte antwoord: nee. Maar daarom is deze kleine schaal om mee te starten juist waardevol: leren wat werkt in een specifieke context en daarna te kijken naar bredere toepassing.

Afgelopen week was er een projectbijeenkomst in het park in Hazerswoude-Dorp (foto: Aletta)
De eerste inzichten
● Het stille midden: vaak gaat er aandacht uit naar bewoners die expliciet vóór of tegen ecologisch beheer zijn, maar het merendeel zit daar tussenin en is niet principieel tegen biodiversiteit, ander maaibeheer of een meer natuurlijke inrichting van groen. Integendeel: een bloemrijke omgeving wordt vaak aantrekkelijker gevonden dan een strak gemaaid grasveld. Tegelijkertijd hebben bewoners vaak het idee dat biodiversiteit niet aanwezig is in een bebouwde omgeving en vinden ze het lastig om een beeld te vormen van wat veranderingen in beheer op langere termijn opleveren.
● (andermans) Netheidsdwang: de rol van sociale normen! Spanning tussen biodiversiteit en netheid: De meeste bewoners vinden het zelf niet eens zo erg als de boel wat meer verwilderd is, maar er is een heersend beeld dat ánderen dat waarschijnlijk niet zullen waarderen en het daarom niet zal werken.
● Participatie of onwil: men heeft vaak wel een mening over de leefomgeving, maar meldt zich niet per se aan voor participatiebijeenkomsten. Dat betekent niet dat zij niet betrokken willen zijn. Soms zijn de mogelijkheden onbekend, de inzet niet vrijblijvend genoeg, of is het onbekend waar zij terecht kunnen met vragen of ideeën.
● Abstracte begrippen: thema’s zoals biodiversiteit, klimaatadaptatie en ecologisch beheer zijn abstracte begrippen Juist daar ligt een belangrijke rol voor ontwerp en verbeelding: niet door nóg meer informatie te geven, maar door mensen te laten ervaren, ontdekken en meedoen.
○ Tip: Haal de ontwerpfase naar het begin van het project, en niet zoals doorgaans pas aan het einde bij de vormgeving van het product. Dit om verschillende werelden met elkaar in gesprek te laten komen en zo bij te dragen aan groenbeheer dat niet alleen ecologisch waardevol is, maar ook betekenisvol voor bewoners.
Het onzichtbare zichtbaar maken
Ontwerp krijgt vorm. Jonas Martens en Dorine Baars van ontwerpbureau Verveeld & Verward werken momenteel aan het eerste interventieconcept voor op de pilotlocatie. Het uitgangspunt is om verschillende vormen van groenbeheer (afgekaderd) zichtbaar, tastbaar en beleefbaar te maken.
Het doel is niet om alleen informatie te zenden, maar een plek te bieden waar bewoners kunnen ontdekken wat verschillende vormen van beheer betekenen voor natuur en leefomgeving. Wat gebeurt er als beheer verandert; welk effect heeft dat op de biodiversiteit en de leefomgeving? En zo te ervaren wat er (boven en onder de grond) gebeurt en waarom dit belangrijk is. En dus: het onzichtbare zichtbaar maken.
‘’Het is een een leuke ontdekkingstocht hoe je iets blijvends kunt creëren in een jaar tijd.’’
studio Verveeld & Verward
Welke vorm dit precies krijgt, houden we nog even geheim. Het streven is om dit najaar een fysieke interventie te plaatsen die niet alleen uitleg geeft over ecologisch beheer, maar dit ook laat zien, horen, voelen en beleven.
De uitdaging en volgende stappen
Vragen die opkomen hebben veel met bestuurlijke inbedding en organisatorische steun te maken: Hoe zorg je nu voor experimenteerruimte maar dat het beheerbeleid ook op de lange termijn wordt geborgd? De effecten zijn namelijk pas na een aantal (7) jaar pas echt zichtbaar. Welke partners en afdelingen moeten ook betrokken worden? Hoe zorg je ervoor dat een fysieke interventie hufterproef is en niet na een paar weken of maanden weer verdwijnt? Wie blijft eigenaar en aanspreekpunt als het project is afgelopen?
De komende tijd werken we aan:
- Verdere uitwerking ontwerpconcepten;
- Uitwerken risico’s, randvoorwaarden en beheerscenario’s;
- Het verder vergroten van de betrokkenheid bij gemeente en partners (tot nu toe iedereen positief)
- Presentatie onderzoeksresultaten bewonersonderzoek door communicatie student Voorbereiden pilotlocatie (najaar installatie neerzetten + start ecologisch beheer)
- Bewoners actief betrekken
Misschien is de belangrijkste les tot nu toe wel dat de uitdaging niet zit in het uitleggen van ecologisch groenbeheer, maar in het gezamenlijk betekenis geven aan groen in de leefomgeving. Dat vraagt om ecologische kennis, begrip voor de leefwereld van bewoners, ruimte voor verschillende perspectieven en nieuwe manieren van samenwerken. Er zal uit dit project niet één oplossing ontstaan die overal toepasbaar is, maar er zal meer inzicht komen in welke aanpak helpt om abstracte opgaven dichter bij de leefwereld van deze bewoners te brengen en het wederzijds begrip te vergroten.

